Ontlastingsincontinentie bij kinderen

Met ontlastingsincontinentie wordt het ongewild verlies van ontlasting of het niet kunnen ophouden van ontlasting bedoeld.

Ontlastingsincontinentie bij kinderen

Wat is ontlastingsincontinentie bij kinderen?

Kinderen kunnen ongewild ontlasting verliezen. Ze kunnen het dan niet goed ophouden of hebben vieze broeken. Vaak gaat het om kinderen vanaf vijf jaar die al zindelijk zijn, maar toch regelmatig ontlasting verliezen. Dit wordt ontlastingsincontinentie genoemd.

In het laatste deel van de dikke darm, de endeldarm, wordt ontlasting tijdelijk opgeslagen. Als deze vol is, krijgt je kind een signaal om naar het toilet te gaan, ook wel aandrang genoemd. Op dat moment komt er druk op de anus te staan. De kringspier rond de anus zorgt er normaal voor dat je kind de ontlasting kan ophouden totdat het kind op de wc zit. Ook de bekkenbodemspieren spelen hierbij een belangrijke rol. Deze spieren zitten onder in de buikholte en helpen bij het ophouden van zowel ontlasting als urine.

Oorzaken van ontlastingsincontinentie bij kinderen

Er zijn verschillende oorzaken waardoor kinderen ongewild ontlasting kunnen verliezen:

Bij langdurige verstopping kan dunne ontlasting langs de harde ontlasting in de endeldarm weglekken. Dit wordt overloopdiarree of paradoxale diarree genoemd. Dit is de meest voorkomende oorzaak van ontlastingsverlies bij kinderen.

Als er voortdurend ontlasting in de endeldarm zit, kan het aandranggevoel verminderen. Kinderen hebben dan eigenlijk continu een aandranggevoel. Met als gevolg dat je kind niet meer goed voelt wanneer het naar de wc moet. Ze negeren dan de signalen. Daardoor kan de ontlasting ongemerkt weglekken.

Sommige kinderen herkennen het signaal om naar de wc te gaan niet, of negeren het. Dit kan komen door verstopping, maar ook doordat ze veel prikkels krijgen van buitenaf, zoals televisiekijken of gamen, of doordat ze aan het spelen zijn of in een drukke omgeving zijn. Ze zijn dan zo afgeleid dat ze de aandrang niet bewust opmerken.

Spanning of stress kunnen ook bijdragen aan ontlastingsproblemen. Bijvoorbeeld door ingrijpende gebeurtenissen zoals pesten, een scheiding, problemen op school of het verlies van een dierbare.

Andere mogelijke oorzaken van ontlastingsincontinentie

Er zijn ook andere, minder vaak voorkomende oorzaken van ontlastingsincontinentie:

Aangeboren erfelijke aandoeningen zijn bijvoorbeeld anusatresie (een afwijking van de anus) en de ziekte van Hirschsprung (problemen met de zenuwen van de darm). Kinderen met deze aandoeningen hebben meestal al in de eerste weken na de geboorte klachten en komen dan snel bij een arts terecht.

De kringspier rond de anus kan beschadigd raken door een operatie, een ongeluk of na seksueel misbruik. Hierdoor kan het moeilijk zijn om de ontlasting op te houden.

Bij sommige neurologische aandoeningen raken de zenuwen die de bekkenbodemspieren en de kringspier aansturen, beschadigd. Dit komt bijvoorbeeld voor bij een open ruggetje (spina bifida).

Chronische darmontsteking komt bijvoorbeeld voor bij de ziekte van Crohn, colitis ulcerosa of proctitis. Als het slijmvlies van de endeldarm ontstoken is, wordt het moeilijker om de ontlasting op te houden. Deze aandoeningen komen vooral voor bij oudere kinderen vanaf 15 jaar.

Klachten bij ontlastingsincontinentie bij kinderen

Het onvrijwillig verliezen van ontlasting kan voor kinderen erg vervelend zijn. Ze krijgen vieze broeken en vaak komen daar vervelende geurtjes bij. Dat is niet alleen op dat moment lastig, het kan ook zorgen voor schaamte, onzekerheid en psychische klachten.

Sommige kinderen worden gepest omdat ze stinken of omdat ze ‘nog niet zindelijk’ zouden zijn. Dit kan hun zelfvertrouwen aantasten en mogelijk zorgen voor problemen op school of thuis. De klachten kunnen een langere tijd aanhouden, vooral als het kind zich onbegrepen of buitengesloten voelt.

Diagnose van ontlastingsincontinentie bij kinderen

Als een kind last heeft van ontlastingsincontinentie of langdurige verstopping kan de huisarts je kind doorverwijzen naar een speciale poeppoli. In deze gespecialiseerde poli’s werken verschillende zorgverleners samen, zoals kinderartsen, diëtisten, fysiotherapeuten en kinderpsychologen. Samen zoeken ze naar de oorzaak van de klachten en stellen ze een passende behandeling op.

Een belangrijk hulpmiddel bij de behandeling is het poepdagboekje. Hierin kan je samen met je kind bij houden hoe vaak je kind poept, hoe de ontlasting eruitziet en of er ongelukjes zijn geweest. Dit helpt behandelaars om een goed beeld te krijgen van het patroon en de ernst van de klachten. Ook geeft het je als ouder inzichten en word je samen bewuster van het poeppatroon en kan je veranderingen beter volgen.

In Nederland zijn er ziekenhuizen met poeppoli’s of een vergelijkbare aanpak. Je kan via de huisarts een verwijzing krijgen.

Behandeling van ontlastingsincontinentie bij kinderen

De behandeling van ontlastingsincontinentie hangt af van de oorzaak. Vaak is ernstige verstopping de oorzaak. In dat geval moet de verstopping worden behandeld. Als een andere aandoening de oorzaak is, wordt die eerst aangepakt. Het is belangrijk dat jij als ouder en ook je kind snappen wat er aan de hand is. Een kind doet dit niet expres. Ook is therapietrouw, het opvolgen van de behandeling, belangrijk om sneller resultaten te boeken.

Bij kinderen met verstopping zonder oorzaak (functionele obstipatie) verloopt de behandeling meestal in stappen. De behandeling begint vaak met adviezen over voeding en leefstijl, toilettraining en het bijhouden van een poepdagboekje. Deze aanpak wordt meestal twee weken geprobeerd.

Gezond eten en voldoende bewegen helpen de darmen beter te werken.

  • Zorg voor een vezelrijk eetpatroon met voldoende groente, fruit, volkorenproducten en peulvruchten
  • Laat je kind genoeg drinken: water, thee en melk zijn goede keuzes
  • Bewegen stimuleert de darmen: buitenspelen, fietsen, dansen helpt allemaal.

Voor goede adviezen kan een gespecialiseerd kinderdiëtist hierbij helpen. Via de huisarts kan je om een verwijzing vragen naar een kinderdiëtist.

Poeptraining kan ook helpen. Je helpt je kind leren om regelmatig naar de wc te gaan. Vanaf een leeftijd van vier jaar kan er gestart worden met poeptraining.

  • Laat je kind 3 of 4 keer per dag naar de wc te gaan op vaste momenten. Bijvoorbeeld na het ontbijt, na school en na het avondeten. Ook als je kind geen aandrang heeft
  • Laat je kind 5 tot 10 minuten proberen om te poepen. Zorg dat je kind goed zit, met de voeten op een krukje bijvoorbeeld. Dat helpt bij het persen.
  • Vraag je kind om 5 keer zacht te persen vanuit de buik, even pauze te nemen en daarna nog eens 5 keer persen.
  • Blijf rustig bij je kind zitten en maak er een ontspannen moment van. Beloon je kind als het lukt, bijvoorbeeld met een compliment of sticker.
  • Lukt het niet? Probeer het later op de dag nog een keer
  • Houd in een poepdagboek bij hoe vaak je kind heeft geoefend en gepoept.

Je kan ook een poepdagboek gaan bijhouden. Met een dagboek kan je bijhouden hoe vaak je kind naar de wc gaat om te poepen. Zo kan je bijvoorbeeld ook zien of de poeptraining of een andere behandeling werkt. In het dagboek kan je bijvoorbeeld noteren:

  • Of je kind gepoept heeft
  • Hoe vaak en hoe de poep eruitzag
  • Of er ongelukjes waren (in de broek of een veeg)
  • Of je kind (buik)pijn had bij het poepen
  • Of je kind medicijnen nam of poeptraining deed en hoe dat gaat

Je kan het dagboek twee weken bijhouden en het daarna bespreken met je (huis)arts.

Als er sprake is van verstopping kan er ook laxeermiddel gegeven worden. Macrogol is het meest geschikt om verstopping te behandelen. Dit middel blijft in de darm en houdt daar vocht vast, waardoor de poep zachter wordt. Wel is het belangrijk om hierbij voldoende te drinken. Het middel moet meestal minstens twee maanden gebruikt worden, soms langer. Dit is veilig. Het maakt de darm niet lui.

Als er geen sprake is van obstipatie, kan een behandeling met loperamide overwogen worden in samenspraak met de behandeld arts. Dit middel vertraagd de beweging van de darm, hierdoor wordt de ontlasting dikker en de aandrang minder.

Een bekkenbodemtherapeut helpt je kind om de spier van de bekkenbodem beter te gebruiken. Deze spieren zijn belangrijk bij het ophouden en loslaten van de ontlasting. Je kind leert bijvoorbeeld het aandranggevoel beter te herkennen, om de bekkenbodemspieren op het juiste moment aan te spannen of juist te ontspannen, hoe het makkelijker zonder pijn kan poepen.

In ernstige gevallen kan darmspoeling een optie zijn. Daarbij wordt water via de anus ingebracht om de endeldarm te legen. Dit voorkomt dat er onverwacht ontlasting weglekt.

Hulpmiddelen als broekluiers of inleggers kunnen tijdelijk een oplossing zijn. Bijvoorbeeld op school of tijdens het buitenspelen. Ze helpen ongelukjes op te vangen en kunnen je kind meer zekerheid geven. Deze producten zijn verkrijgbaar bij de apotheek. De arts of verpleegkundige kan advies geven over welk hulpmiddel geschikt is.

Soms spelen psychische factoren een rol bij ontlastingsproblemen. Een kinderpsycholoog kan helpen als de klachten ontstaan door spanningen, angst of trauma. Of als je kind last heeft van schaamte, onzekerheid of gedragsproblemen door de klachten.

Er zijn psychologen die gespecialiseerd zijn in zindelijkheids- en poepproblemen bij kinderen. De huisarts of poeppoli kan je kind hiernaar doorverwijzen.

We houden je graag op de hoogte

MDL Fonds geeft je graag betrouwbare en juiste informatie. Ben je blij met onze voorlichting? Steun ons! Want MDL Fonds ontvangt geen subsidie. We zijn volledig afhankelijk van donateurs.

Kies frequentie
Kies bedrag
Al 3 donateurs steunden vandaag een gezonde buik voor iedereen.

Colofon

Deze informatie is geschreven door het MDL Fonds.

In samenwerking met:
Kinderbuikcentrum van Amsterdam UMC
Prof dr. M.A. Benninga, kinderarts MDL, Amsterdam UMC
Dr. M.M. Tabbers, kinderarts MDL, Amsterdam UMC
S. Visser, diëtist gespecialiseerd in darmproblematiek en voedselovergevoeligheid

Laatst herzien:
Augustus 2025

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang maandelijks nieuws en info over een gezonde buik.

Wil je goed voor je buik zorgen?

Meld je aan voor de nieuwsbrief. Dan krijg je veel gezonde tips, lekkere recepten, mooie interviews, evenementen en het laatste nieuws over MDL-ziekten en MDL Fonds.
Je ontvangt maximaal twee nieuwsbrieven per maand en afmelden kan al met één klik. Lees je voortaan mee?
Dit veld is verborgen bij het bekijken van het formulier
Dit veld is verborgen bij het bekijken van het formulier
JJJJ dash MM dash DD

Advies nodig?
De MDL Hulplijn geeft telefonisch advies als je vragen of zorgen hebt over buikklachten of een MDL-ziekte.