De alvleesklier, in de medische wereld ook wel pancreas genoemd, maakt de spijsverteringssappen. Daarin zitten enzymen, dat zijn stoffen die het voedsel in de dunne darm kunnen "knippen” in heel kleine stukjes. Daardoor kan het voedsel helemaal verteerd worden en uiteindelijk worden opgenomen in het bloed. Ook regelt de alvleesklier je bloedsuikerspiegel, door de hormonen insuline en glucagon te maken. Die eerste verlaagt de bloedsuikerspiegel en de tweede verhoogt deze.
Hoe ziet de alvleesklier eruit?
De alvleesklier is een trosvormige klier van 15 tot 20 centimeter lang. De klier ligt achter de maag verstopt. De alvleesklier kun je opdelen in drie delen: de kop, het lichaam en de staart. Via een buis die midden door de alvleesklier loopt worden spijsverteringssappen naar de dunne darm gestuurd.
Wat doet de alvleesklier?
De alvleesklier helpt de spijsvertering door spijsverteringssap te maken. Dit sap helpt de koolhydraten, vetten en eiwitten in kleinere stukjes te knippen.
Naast het maken van spijsverteringssappen, regelt de alvleesklier ook je bloedsuikerspiegel. De alvleesklier produceert de hormonen insuline en glucagon. Insuline zorgt dat de bloedsuikerspiegel verlaagt, en glucagon verhoogt de bloedsuikerspiegel. Als je alvleesklier goed werkt, zijn die hormonen in balans.
Hoe zorg je goed voor je alvleesklier?
Drink geen alcohol en rook niet: dat helpt mee om je alvleesklier gezond te houden. Houd je gewicht op peil, dan kan de alvleesklier goed zijn werk doen. Als je te zwaar wordt, kan je als complicatie diabetes type 2 ontwikkelen – dan kan het bloedsuikergehalte niet meer goed worden geregeld door je lichaam. Zorg daarom dat je een gezond gewicht hebt, zodat je alvleesklier goed zijn werk kan doen. Eet gezond en beweeg regelmatig. Kijk voor meer informatie op onze pagina over gezonde voeding.
Problemen aan de alvleesklier
De alvleesklier speelt dus een belangrijke rol bij de spijsvertering. Wanneer de alvleesklier niet goed werkt, heeft dit invloed op je spijsvertering. Je krijgt dan bijvoorbeeld diarree en je verliest gewicht, omdat het eten niet goed kan worden verteerd.